In Groningen is dit jaar in recordtempo gewerkt aan een nieuwe drijvende lng-terminal. De terminal is een drijvende fabriek die vloeibaar aardgas omzet naar gasvormig aardgas. De terminal moet ervoor zorgen dat Europa minder afhankelijk is van Russisch gas of gas uit de Groningse bodem. De Omgevingsdienst Groningen (ODG) is nauw betrokken bij de oprichting en inwerkingtreding ervan. We spreken over dit bijzondere project met Willem de Lange (adviseur externe veiligheid), Thijs Dijkstra (vergunningverlener Brzo) en Heiko Siebold (coördinator Brzo).

Alternatieven voor Russisch gas

Door de oorlog in Oekraïne is Europa op zoek naar alternatieven voor Russisch gas. Aangezien het opnieuw opendraaien van de Groningse gaskraan zo goed als uitgesloten is vanwege de aardbevingsschade en de maatschappelijke onrust als gevolg, moeten er andere manieren gevonden worden om de gaslevering aan Europa op korte termijn veilig te stellen. Vloeibaar aardgas (lng) van overzee bijvoorbeeld.

Wat is LNG?

Liquefied Natural Gas (lng) is vloeibaar gemaakt aardgas dat bij -162°C bewaard wordt. Eenmaal vloeibaar is lng maar liefst 600 keer kleiner dan gewoon aardgas. Dat maakt dat je er gemakkelijk veel van kunt vervoeren en opslaan. Lng bestaat voor ca. 90% uit methaan en verder uit ethaan, propaan en stikstof.

Lng is een relatief lichte vloeistof, een liter lng weegt maar 450 gram. 1 ton lng heeft dus een volume van 2,25 m3, dat weer teruggebracht in de gasvorm gelijk is aan 1360 m3 aardgas. Dit is vergelijkbaar met het jaarverbruik van een gemiddeld gezin. Een lng-carrier lost per keer ca. 40.000 ton, goed voor 90.000 m3 lng of 53 miljoen kuub aardgas. Twee scheepsladingen zijn dus voldoende om een stad als Groningen een jaar lang van aardgas te voorzien.

Lng wordt ook wel eens verward met vloeibaar petroleumgas (lpg). Lpg staat voor Liquefied Petroleum Gas. Lpg is géén aardgas, maar een vloeibaar bijproduct van de winning van aardolie en aardgas. Het komt vrij bij raffinage van aardolie. Lpg bestaat uit hoofdzakelijk uit propaan en butaan. De opslag van lpg gebeurt onder druk.

Willem: “Op de Maasvlakte bij Rotterdam staat sinds 2011 een lng-terminal waarvan de capaciteit binnenkort flink wordt uitgebreid. Sinds begin september is ook de nieuwe lng-terminal in de Eemshaven in gebruik genomen. Deze drijvende terminal bestaat uit 2 schepen die met elkaar verbonden zijn, zogenaamde FSRU’s (Floating Storage and Regasification Units, red.) of hervergassingsplatformen.

Samen zijn deze schepen goed voor het invoeden van zo’n 8 miljard kuub aardgas per jaar. Ter vergelijking: uit het Groningenveld, het aardgasveld van Slochteren, werd van 1966 tot 2016 gemiddeld 40 miljard kuub aardgas per jaar gewonnen. De import van Russisch aardgas bedroeg de laatste jaren zo’n 6 miljard kuub per jaar, zo’n 15% van het totale gebruik in Nederland. De totale export van Russisch gas naar Europa was maximaal 150 miljard kuub per jaar.”

EemsEnergyTerminal

Thijs: “In april 2022 is het overleg tussen Gasunie en de overheid gestart over het oprichten en in werking hebben van de lng-terminal in de Eemshaven. Dit initiatief wordt ontwikkeld door EemsEnergyTerminal (EET) die een 100% dochter van Gasunie is. Het valt onder de Rijkscoördinatieregeling. Dat wil zeggen dat de Rijksoverheid de besluitvorming van energieprojecten van nationaal belang coördineert.

Heiko: “In de praktijk betekent dit dat er veel partijen direct of indirect betrokken zijn bij de besluitvorming. Niet alleen het Rijk, maar ook de provincie Groningen, gemeente Het Hogeland, havenschap Groningen Seaports, Rijkswaterstaat en de Veiligheidsregio. Daarnaast zijn o.a. omwonenden, milieubeweging en de Duitse overheid nauwgezet geïnformeerd over de plannen. Het streven was om de terminal in het najaar van 2022 operationeel te hebben. Dit betekende op dat moment dat we zo’n vijf maanden hadden voor de voorbereiding.”

Vergunnen of gedogen

Heiko: “Om een dergelijke complexe installatie in zo’n korte tijd te realiseren is een huzarenstukje geleverd door de inzet en toewijding van alle betrokkenen. Iedereen was zich ook heel bewust van de enorme verantwoordelijkheid die men heeft.”

Willem: “Het opstellen en verlenen van een volledige vergunning voor deze installatie, waarbij alle milieu- en veiligheidsaspecten zorgvuldig waren afgewogen, bleek onmogelijk te realiseren vóór de geplande ingebruikname, ondanks de enorme inzet bij zowel de ODG als het projectteam van EET. Daarom zijn eerst twee gedoogverklaringen opgesteld waarin de belangrijkste aspecten alvast geregeld zijn. Ondertussen wordt bij de ODG ook hard gewerkt aan de uiteindelijke vergunning die vermoedelijk in het voorjaar van 2023 gereed zal zijn.”

Thijs: “Vergelijk het met de ontwikkeling van een coronavaccin: een traject waar normaal 10-15 jaar voor staat moest in het belang van de wereldwijde gezondheidssituatie tien keer zo snel gerealiseerd worden. De politieke en maatschappelijke druk om de lng-terminal te gedogen en te vergunnen was ook enorm. Zowel bij het team van experts dat de vergunningverlening coördineerde als bij het projectteam van EET, was er voortdurend het besef van verantwoordelijkheid. Alle potentiële risico’s zijn uitvoerig onderzocht en besproken met EET/Gasunie, de Veiligheidsregio en Groningen Seaports. Heiko vult aan: “Kwaliteit, en dus ook veiligheid, gaat altijd boven snelheid. De Eemshaven mag dan voor Nederlandse begrippen een relatief afgelegen plek zijn, het ligt wel aan de rand van een werelderfgoed: de Waddenzee.”

Te land, ter zee en in de lucht?

Willem: “Wat deze installatie verder speciaal maakt is de letterlijke ligging tussen wal en schip. De twee schepen liggen voor langere tijd aangemeerd in de haven. Het lng wordt met andere schepen, ook wel lng-carriers genoemd, aangevoerd die langszij komen te liggen en de lading overpompen. Dat zorgt bijvoorbeeld ook voor juridische vraagstukken zoals: zijn de platformen nu schepen of inrichtingen die bij het land horen? Waar ligt de inrichtingsgrens en tot waar geldt het zeerecht? Wat is het belang van de vlaggenstaten waar de schepen onder vallen? Moet de bemanning van de platformen en de lng-carriers worden beschouwd als eigen medewerkers of als ‘bevolking’ die moet worden meegenomen in de berekening van het plaatsgebonden risico en het groepsrisico (rekenmethode om de risico’s van externe veiligheid te berekenen, red.)? Dit zijn maar enkele van de vele vragen die in korte tijd moesten worden beantwoord.”

Thijs: “Direct na het aanmeren van de beide platformen is alles in het werk gesteld om de eerste daadwerkelijke gaslevering te kunnen realiseren en ruim vóór de winter de aanvoer op orde te hebben. Een deel van het in de Eemshaven geïmporteerde gas zal overigens direct worden doorgesluisd naar afnemers in het buitenland zoals Frankrijk en Tsjechië. Tsjechië was tot voor kort grotendeels afhankelijk van Russisch aardgas.” Willem vult aan: “Op 8 september is de officiële start gegeven voor de realisatiefase van de EET. Die werd dan ook bijgewoond door de Tsjechische premier Petr Fiala die opmerkte: “Er is veel dat wij als Tsjechische regering kunnen regelen, maar een zee hoort daar niet bij.”

Showstoppers

Heiko: “In onze samenwerking hebben we gemerkt hoe belangrijk het is om voortdurend met elkaar in gesprek te blijven. Er zijn zoveel verschillende partijen bij betrokken die allemaal hun eigen belangen en aandachtspunten hebben.” Willem vult aan: “Als Omgevingsdienst zijn we ons continu bewust van onze neutrale rol. Een gevleugeld woord in dit verband was dan ook ‘showstopper’; een aspect dat ervoor kan zorgen dat de hele zaak niet, of niet op tijd, door kan gaan. Het is steeds gelukt potentiële showstoppers op tijd aan te pakken, zodat alles tot nu toe volgens planning is verlopen. En we blijven natuurlijk waakzaam voor toekomstige showstoppers.”

Bij de ODG kijken ze dan ook met trots terug op het traject tot nu toe. Heiko: “We blijven altijd nuchtere Groningers, maar het is toch mooi om te bedenken dat Nederland, mede dankzij het werk en de samenwerking van alle betrokkenen, weer een stuk minder afhankelijk is van Russisch aardgas en wel op een verantwoorde manier.”


Lees het originele artikel