Waterschappen 2 juli 2026

Wateroverlast waterschap: zo werkt het systeem bij regen

Wat is wateroverlast precies, en wanneer grijpt een waterschap in?

Wateroverlast ontstaat op het moment dat er meer regen valt dan het watersysteem in korte tijd kan verwerken. Straten lopen onder, kelders vullen zich en het oppervlaktewater staat onder druk. In de nacht van zaterdag 27 op zondag 28 juni gebeurde dat in het gebied van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht: zwaar onweer met heftige stortbuien zorgde ervoor dat op veel plekken in korte tijd extreem veel regen viel.

Het gevolg was direct merkbaar. Er ontstond wateroverlast, er kwam een negatief zwemadvies en het hele watersysteem, inclusief de rioolwaterzuiveringen, kwam onder extra druk te staan. Zo’n situatie zet meteen een reeks maatregelen in werking, van extra pompcapaciteit tot controles op waterkwaliteit. Die keten van ingrepen laat goed zien hoe een waterschap achter de schermen reageert wanneer het weer uit de bocht vliegt.

Extra pompcapaciteit: de inzet van noodgemaal Zeeburg

Zodra er te veel water in het systeem staat, is wegpompen de eerste en meest directe maatregel. Tijdens de stortbuien van eind juni werkten de gemalen van het waterschap op volle capaciteit om het overtollige water af te voeren. Toch was dat in dit geval niet genoeg: ook Gemaal Zeeburg in Amsterdam werd ingezet.

Dat is geen alledaagse beslissing. Gemaal Zeeburg draait alleen bij nood en wordt maar een paar keer per jaar aangezet. Deze keer gebeurde dat op verzoek van Rijkswaterstaat. Het gemaal pompt overtollig water vanuit de stad naar het IJmeer, waardoor het waterpeil onder controle bleef en verdere overlast werd voorkomen.

De inzet van dit noodgemaal illustreert hoe waterschappen over reservecapaciteit beschikken voor uitzonderlijke situaties. Onder normale omstandigheden volstaan de reguliere gemalen. Bij extreme piekbelasting, zoals eind juni, schakelt het systeem op naar zwaardere middelen om schade aan de stad te beperken.

Waarom rioolwaterzuiveringen bij stortbuien vollopen

Terwijl de gemalen water wegpompen, krijgt een ander deel van het watersysteem het ook zwaar te verduren: de rioolwaterzuiveringen. Bij de stortbuien van eind juni stroomde er veel extra water naar deze installaties. Rioolwaterzuiveringen zijn gebouwd om grote hoeveelheden water te verwerken, maar hun capaciteit is niet onbeperkt.

Bij heel veel regen in korte tijd kunnen deze installaties niet alles goed schoonmaken. Op dat moment stroomt een deel van het afvalwater rechtstreeks naar open water, zonder de volledige zuivering die het normaal gesproken doorloopt. Dat is geen storing, maar een bewuste veiligheidsklep: zo wordt schade aan de installaties zelf voorkomen.

De prijs van die maatregel is wel duidelijk: de waterkwaliteit van het oppervlaktewater gaat tijdelijk achteruit. Deze stap in de keten verklaart meteen waarom een stortbui niet alleen straten laat onderlopen, maar ook rechtstreeks invloed heeft op of je veilig kunt zwemmen.

Negatief zwemadvies: hoe waterschappen de waterkwaliteit herstellen

Het vollopen van rioolwaterzuiveringen en gemalen heeft een direct gevolg voor iedereen die van open water gebruikmaakt: een negatief zwemadvies. Door de hevige regen eind juni kwam er rioolwater in het oppervlaktewater terecht. Waterschappen noemen dit overstorten. Na een overstort is de waterkwaliteit meestal 3 tot 5 dagen minder goed, omdat er virussen en bacteriën in het water zitten waar mens en dier ziek van kunnen worden.

Daarom gold er tot en met woensdag 1 juli een negatief zwemadvies voor open water in het gebied van Waterschap Amstel, Gooi en Vecht. Op die woensdag controleerde het waterschap de waterkwaliteit opnieuw. Op vrijdag 3 juli werd bekend of het water weer schoon genoeg was om in te zwemmen.

Hoe controleer je of een zwemplek veilig is?

De veiligste keuze is zwemmen op een officiële zwemplek. Van mei tot en met september controleert het waterschap de waterkwaliteit op die locaties elke twee weken, verspreid over 27 locaties in het gebied. Wil je vooraf weten of een zwemplek veilig is? Check dat op zwemwater.nl of in de Zwemwater-app, voordat je het water in gaat.

Terugkerend probleem: wateroverlast en klimaatverandering

Ondanks de inzet van gemalen en andere maatregelen bleef wateroverlast eind juni niet volledig uit. Op sommige plekken stonden straten en kelders tijdelijk onder water. Op verschillende locaties was er zelfs nog langer na de stortbuien sprake van aanhoudende overlast.

Dat gebeurt niet toevallig steeds vaker. Extreme regenbuien zoals die van eind juni komen volgens het waterschap steeds vaker voor. Daarmee verschuift wateroverlast van een incidentele verstoring naar een terugkerend patroon waarmee het watersysteem structureel rekening moet houden. Dat vraagt om een systeem dat niet alleen incidenten opvangt, maar ook op de lange termijn meebeweegt met een veranderend klimaat.

Wat de stortbuien van eind juni laten zien over de toekomst van waterbeheer

De reeks aan maatregelen eind juni, van het noodgemaal tot de zwemwatercontroles, laat zien dat een waterschap over meerdere lagen van respons beschikt. Toch blijft het doel niet bij het oplossen van losse incidenten. Het waterschap werkt aan een sterker watersysteem dat beter bestand is tegen extreem weer, en doet dat samen met gemeenten, inwoners en bedrijven om de gevolgen van klimaatverandering te beperken. Wie meer wil weten over die bredere aanpak, vindt achtergrond in de volgende stap om Nederland weerbaar te houden bij klimaatverandering.

Voor wie na een regenbui gewoon het water in wil, blijft de praktische vuistregel simpel: check zwemwater.nl of de Zwemwater-app voordat je gaat, zeker kort na een periode met veel regen. Zo weet je zeker dat je op een gecontroleerde zwemplek zwemt. Voor wie de bredere ontwikkelingen bij waterschappen wil volgen, biedt al het nieuws over waterschappen een goed overzicht, en voor wie zelf aan de slag wil met waterbeheer of klimaatadaptatie is er een overzicht van vacatures bij waterschappen en andere overheidsorganisaties.

Bron: Waterschap Amstel, Gooi en Vecht, terugblik zwaar onweer en stortbuien.

Veelgestelde vragen

Wat is wateroverlast en wanneer treedt het op?

Wateroverlast ontstaat wanneer meer regen valt dan het watersysteem in korte tijd kan verwerken. Straten lopen onder, kelders vullen zich en het oppervlaktewater staat onder druk. Dit gebeurt vooral bij extreme stortbuien die het normale afvoercapaciteit van gemalen en rioolwaterzuiveringen overschrijden.

Hoe reageert een waterschap op wateroverlast?

Een waterschap zet meerdere maatregelen in: reguliere gemalen pompen water weg, noodgemalen zoals Gemaal Zeeburg worden ingezet voor extra capaciteit, en rioolwaterzuiveringen worden gecontroleerd. Deze gestaffelde aanpak helpt het waterpeil onder controle te houden en verdere overlast te voorkomen.

Waarom krijgen rioolwaterzuiveringen het zwaar te verduren bij stortbuien?

Rioolwaterzuiveringen hebben een beperkte verwerkingscapaciteit. Bij extreme regenval in korte tijd kunnen ze niet alles goed schoonmaken, waardoor afvalwater rechtstreeks naar open water stroomt zonder volledige zuivering. Dit is een bewuste veiligheidsklep om schade aan de installaties zelf te voorkomen.

Waarom geldt er een negatief zwemadvies na hevige regenval?

Na overstorten van rioolwater bevat het oppervlaktewater virussen en bacteriën die ziek kunnen maken. De waterkwaliteit is meestal 3 tot 5 dagen minder goed. Waterschappen geven daarom een negatief zwemadvies totdat controles aantonen dat het water weer veilig is.

Hoe controleer je of een zwemplek veilig is?

Check zwemwater.nl of de Zwemwater-app voordat je het water in gaat. Het waterschap controleert waterkwaliteit op officiële zwemplekken elke twee weken van mei tot september. Dit geeft betrouwbare informatie over veiligheid, vooral na perioden met veel regen.

← Alle nieuwsberichten