Rijksoverheid 6 juli 2026

Kabinet trekt €420 miljoen extra uit voor ouderenwoningen

420 miljoen euro extra voor de bouw van ouderenwoningen

Het kabinet trekt de komende vier jaar 420 miljoen euro extra uit voor het bouwen van ouderenwoningen. Dat staat in een brief die minister Boekholt-O’Sullivan (Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening) en minister Sterk (Langdurige Zorg, Jeugd en Sport) naar de Tweede Kamer stuurden. Voor gemeenten, woningcorporaties en beleidsmedewerkers ruimtelijke ordening is dit relevant nieuws: het bepaalt de komende jaren mede de ruimte voor nieuwbouwprojecten gericht op senioren.

De maatregel raakt direct de uitvoeringspraktijk bij overheidsorganisaties die volkshuisvestingsbeleid vormgeven. Wie in dat vakgebied werkt of erover nadenkt om die overstap te maken, krijgt hiermee te maken op de tekentafel bij gemeenten en corporaties.

Waarom ouderen willen verhuizen naar passende woonruimte

Nederland vergrijst, en dat merk je terug in de woonwensen van een groeiende groep senioren. Steeds meer ouderen willen naar woonruimte die beter aansluit bij hun situatie: een nultredenwoning zonder drempels en trappen, een zorggeschikte woning, of een seniorencomplex zoals een knarrenhof, waar bewoners elkaar treffen in gedeelde ruimtes.

Minister Boekholt-O’Sullivan verwoordt het probleem scherp: veel ouderen willen wel verhuizen, maar komen er niet doorheen omdat passend aanbod ontbreekt of omdat een verhuizing financieel niet uitkomt. Er wordt al flink gebouwd, maar volgens de minister moet het tempo verder omhoog, net als het aantal nieuwbouwplannen dat specifiek op ouderen is gericht. Met het extra budget wil het kabinet woningzoekende senioren meer perspectief bieden en de doorstroming op de woningmarkt op gang brengen.

290.000 ouderenwoningen nodig tot 2030

De behoefte is fors: tot en met 2030 zijn in totaal 290.000 ouderenwoningen nodig. Een eerste inventarisatie laat zien dat voor ongeveer 215.000 van die woningen al bouwplannen bestaan. Voor het grootste deel daarvan, vooral nultredenwoningen, worden voldoende plannen ontwikkeld en ook daadwerkelijk gebouwd.

Sinds 2022 komen er jaarlijks zo’n 20.000 nultredenwoningen bij. Dat tempo geeft aan dat dit deel van de opgave redelijk op koers ligt, wat voor gemeenten en corporaties een houvast biedt bij het plannen van vervolgprojecten.

Extra investering voor de resterende 75.000 woningen

Het lastigste deel van de opgave zit in de resterende 75.000 ouderenwoningen. Dit zijn vaak zorggeschikte of geclusterde woningen, complexer om te ontwikkelen dan een standaard nultredenwoning. Voor deze categorie trekt het kabinet de komende vier jaar het extra bedrag van 420 miljoen euro uit, bedoeld om zowel nieuwe bouwplannen op gang te brengen als bestaande plannen sneller te realiseren.

Voor dit type woningen zijn meer concrete plannen nodig, en gezien de grote vraag ligt er een duidelijke opgave voor marktpartijen en woningcorporaties om hier voortvarend mee aan de slag te gaan. Het bedrag van 420 miljoen euro komt bovenop de 120 miljoen euro die dit jaar al is uitgetrokken voor ouderenhuisvesting. Voor beleidsmedewerkers bij gemeenten betekent dit concreet extra financiële ruimte om projecten met zorgpartijen en corporaties verder te brengen. Via lees meer nieuws over gemeenten volg je hoe dit beleid in de praktijk landt.

Doorstroming op de woningmarkt door vrijkomende huizen

De bouw van ouderenwoningen heeft een effect dat verder reikt dan de nieuwbouw zelf. Wanneer een oudere verhuist naar een passendere woning, komt de oude woning vrij voor een andere huishoudensamenstelling. Zo zet elke nieuwe ouderenwoning in theorie een kleine verhuisketen in gang op de bredere woningmarkt.

Vrijwilligheid blijft daarbij het uitgangspunt, zoals minister Boekholt-O’Sullivan eerder al benadrukte. Niemand wordt gedwongen te verhuizen; het beleid draait om het wegnemen van drempels voor wie zelf al wil verhuizen.

Onderzoek naar financiële prikkels voor doorstroming

Een verhuizing moet voor ouderen ook financieel de moeite waard zijn. Minister Boekholt-O’Sullivan onderzoekt daarom samen met de hypotheeksector welke mogelijkheden er zijn, bijvoorbeeld het inzetten van overwaarde voor de financiering van dubbele woonlasten tijdens een verhuisperiode. De Tweede Kamer wordt later dit jaar over de uitkomsten geïnformeerd.

Voor professionals in de publieke sector die met volkshuisvesting, ruimtelijke ordening of zorg te maken hebben, blijft dit dossier de komende tijd in beweging. Via bekijk al het actuele overheidsnieuws blijf je op de hoogte van vervolgstappen, en wie zelf aan de slag wil binnen dit beleidsterrein kan bekijk actuele vacatures in de publieke sector raadplegen.

Bron: dit artikel is gebaseerd op het nieuwsbericht van de Rijksoverheid van 6 juli 2026, 420 miljoen euro extra voor bouw ouderenwoningen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel geld trekt het kabinet uit voor het bouwen van ouderenwoningen?

Het kabinet trekt de komende vier jaar 420 miljoen euro extra uit voor ouderenwoningen. Dit bedrag is bedoeld voor zorggeschikte en geclusterde woningen, en komt bovenop de 120 miljoen euro die dit jaar al is uitgetrokken.

Hoeveel ouderenwoningen zijn er tot 2030 nodig in Nederland?

Tot en met 2030 zijn in totaal 290.000 ouderenwoningen nodig. Daarvan bestaan voor ongeveer 215.000 woningen al bouwplannen, vooral nultredenwoningen die jaarlijks in voldoende aantallen worden gerealiseerd.

Wat is het verschil tussen nultredenwoningen en zorggeschikte woningen?

Nultredenwoningen zijn standaard woningen zonder trappen of drempels, waarvan jaarlijks zo’n 20.000 worden gebouwd. Zorggeschikte en geclusterde woningen zijn complexer en duurder om te ontwikkelen, en vormen de resterende 75.000 woningen uit de totale opgave.

Hoe draagt de bouw van ouderenwoningen bij aan doorstroming op de woningmarkt?

Wanneer een oudere verhuist naar een passendere woning, komt de oude woning vrij voor andere huishoudens. Elke nieuwe ouderenwoning zet in theorie een kleine verhuisketen in gang op de bredere woningmarkt.

Onderzoekt het kabinet financiële steun voor ouderen die willen verhuizen?

Ja, minister Boekholt-O’Sullivan onderzoekt samen met de hypotheeksector mogelijkheden zoals het inzetten van overwaarde voor dubbele woonlasten tijdens een verhuisperiode. De Tweede Kamer wordt later dit jaar over de uitkomsten geïnformeerd.

← Alle nieuwsberichten