De Raad van State is de hoogste instantie en de laatste stap om in beroep te gaan. Een uitspraak van de Raad is definitief, verder procederen is niet mogelijk. Er waren 7 partijen die een beroepschrift hadden ingediend tegen het inpassingsplan én de daarmee gecoördineerde vergunningen over de warmtetransportleiding tussen Vlaardingen en Den Haag.
Duurzaam
De zitting op 4 april ging over een breed scala aan onderwerpen en nam een volledige dag in beslag. De gemeente Den Haag, Den Haag Fossielvrij, CMAG en de Stichting Gemeente Belangen Energievoorziening maakten bezwaar tegen het gebruik van restwarmte afkomstig van fossiele bronnen uit de Rotterdamse haven. Zij wilden dat Den Haag wordt verwarmd met gebruikmaking van lokale, duurzame warmtebronnen en waren van mening dat WarmtelinQ geen duurzame warmte biedt. De Bomenstichting vreesde dat het plan negatieve gevolgen heeft voor Natura 2000-gebieden. Ook meenden zij dat de warmteleiding de bodem dermate zou verwarmen dat bomen in de omgeving van het leidingtracé beschadigd raken.
Ontwikkelingen
Stichting Staedion en Heijmans vreesden dat het inpassingsplan gevolgen zou hebben voor hun eigen bouwprojecten in Den Haag. In de loop van de procedure heeft de provincie Zuid-Holland een deel van het inpassingsplan gewijzigd, onder meer met het oog op de bezwaren van Heijmans en Staedion. Ook de gemeente Den Haag was bang dat het inpassingsplan toekomstige ondergrondse ontwikkelingen in Den Haag zou dwarsbomen. De gemeente Den Haag was tijdens de zitting bezwaarmaker maar maakte tevens deel uit van de verdediging omdat zij als bevoegd gezag de benodigde vergunningen heeft verstrekt.
Lees het originele artikel